Bekijk de wortelfunctie `y = 6 - 2*sqrt(x-1)` .
Waarom kun je in deze functie alleen `x` -waarden als `x = 1` en groter invullen?
Maak een grafiek bij deze wortelfunctie.
Bereken de exacte oplossing van de vergelijking: `6 - 2*sqrt(x-1) = 1` .
In het assenstelsel is de grafiek van de functie `y = 2 * sqrt(x - 3)` getekend.
De grafiek gaat door het punt `A(6,2 ; 3,6)` . De `y` -coördinaat van punt `A` is afgerond op één decimaal.
Geef de `y` -coördinaat van punt `A` afgerond op twee decimalen.
De grafiek gaat door het punt `(x , 8)` .
Geef de `x` -coördinaat van dit punt. Schrijf je berekening op.
Lucy beweert dat je niet alle getallen voor `x` kunt invullen.
Heeft Lucy gelijk? Leg je antwoord uit.
De gegeven functie `y = 2 * sqrt(x - 3)` verandert in de nieuwe functie `y = 2 * sqrt(x - 2)` .
Teken op het Werkblad in hetzelfde assenstelsel de grafiek die bij de nieuwe formule hoort. Maak eerst een tabel.