Goniometrie > Totaalbeeld
123456Totaalbeeld

Antwoorden van de opgaven

Opgave T1

Teken lijnstuk B P loodrecht op D C .
A D = B P = 10 sin ( 50 ) 7,7 en A B = D P = 10 - 10 cos ( 50 ) 3,6 .

Teken hoogtelijn F Q .
F Q = 10 sin ( 30 ) = 5 en dus is zodat .
(Dit kan ook met de sinusregel.)

Teken lijnstuk K M . Het snijpunt van K M en N L is S .
zodat .

Opgave T2

Werk bijvoorbeeld met vectoren ten opzichte van de verticale richting..
De eerste vector heeft een component van km in de verticale richting en een component van km in de horizontale richting.
De tweede vector heeft een component van km in de verticale richting en een component van km in de horizontale richting.
De laatste vector heeft een component van km in de verticale richting en een component van km in de horizontale richting.
Dit afgestoten deel komt op km van het vertrekpunt in zee.

Opgave T3

Teken de resultante in een parallellogramconstructie.
De hoek tussen beide is , je gebruikt de hoek .
Voor de lengte van de resultante geldt: geeft N.

Opgave T4
a

, en

b

, en

c

, en

d

, en

e

, en

Opgave T5

Ongeveer m.

Opgave T6

Ongeveer m².

Opgave A1Oppervlakte van een rechthoek
Oppervlakte van een rechthoek

Noem de lengte l en de breedte b, dan is l = 10 - b .
Verder is tan ( 20 ) = b l = b 10 - b . Hieruit volgt b 2,67 en dus is l 7,33 . De oppervlakte is ongeveer 19,6.

Opgave A2Bijzonder plaatje
Bijzonder plaatje

Gebruik en ga na, dat mm, mm en mm.

De cosinusregel geeft dan , zodat en .
Hiermee is mm.

verder | terug