Rekenen II > Machten
123456Machten

Antwoorden van de opgaven

Opgave V1

lagen.

Opgave 1
a

b

c

d

Opgave 2
a

b

c

Opgave 3
a

b

c

d

Opgave 4
a

b

c

d

Opgave 5
a

b

c

Opgave 6
a

b

c

d

Opgave 7
a

.

b

.

Opgave 8
a

uur.

b

gram.

Opgave 9
a

b

c

d

e

f

Opgave 10
Opgave 11
a

b

c

Opgave 12
a

gram.

b

Uit ongeveer atomen. (Dit getal is de constante van Avogadro.)

c

Allebei ongeveer atomen.

d

Ongeveer .

Opgave 13
a

AE. (Denk er om dat je antwoorden ook in de technische notatie moeten staan en dat veel decimalen of exacte waarden nu onzinnig zijn.)

b

km.

c

AE.

d

Het licht legt in een jaar ongeveer km af. Dat is ongeveer 63072 AE.

Opgave A1
a

2 9 = 512

b

2 63 .

c

Ongeveer .

d

Ongeveer gram en dat is ongeveer kg.

e

Je moet er cm3 graan in kwijt kunnen. De hoogte wordt dan cm en dat is km oftwel 36,9 miljard km.

Opgave A2
a

1 + 2 + 2 2 + 2 3 + 2 4 + 2 5 + 2 6 + 2 7 + 2 8 + 2 9 = 1023

b

Daar komt ook 1023 uit.

c

Stel s = 1 + 2 + 2 2 + 2 3 + ... + 2 62 + 2 63 , dan is 2 s = 2 + 2 2 + 2 3 + ... + 2 62 + 2 63 + 2 64 . Daaruit volgt s = 2 s - s = 2 64 - 1 .

Opgave T1
a

b

c

d

e

Opgave T2
a

b

c

d

Opgave T3
a

b

c

d

verder | terug