Algebra I > Variabelen vermenigvuldigen
1234567Variabelen vermenigvuldigen

Voorbeeld 3

Van een balk is de lengte vier keer de breedte en de hoogte twee keer de breedte. Noem de breedte van de balk . Dus:
breedte
lengte
hoogte

Geef formules voor de inhoud en de oppervlakte van de balk.

> antwoord

inhoud balk = lengte breedte hoogte
Als je invult wat je weet, krijg je:

Dit kun je korter opschrijven als:


De oppervlakte van de balk vind je door de oppervlakte van alle grensvlakken op te tellen:

.

Opgave 10

Stel formules op voor de inhoud en de oppervlakte van de balk.

verder | terug