Algebra 2 > Breuken met variabelen
12345Breuken met variabelen

Oefenen

Opgave 8

Schrijf de breuken als één breuk en vereenvoudig.

a

b

c

d

e

Opgave 9

Schrijf de breuken als één breuk en vereenvoudig. Reken vervolgens uit als je weet dat .

a

b

c

Opgave 10

Gegeven zijn de breuken en met .

a

Bereken de som van beide breuken.

b

Bereken het product van beide breuken.

c

Deel de eerste breuk door de tweede.

d

Bereken het verschil van het kwadraat van de eerste breuk en het kwadraat van de tweede breuk.

Opgave 11

Oefen het rekenen met breuken in het Practicum .

verder | terug