Beschrijvende statistiek > Meetnauwkeurigheid
123456Meetnauwkeurigheid

Voorbeeld 2

Stel je wilt een lege opslagtank met een capaciteit van  liter voor % vullen met olie.
Je zet een pomp aan en ziet dat de vloeistof met  L/min naar binnen stroomt.
De flowmeter is van klasse en heeft een schaal die loopt van tot  L/min.

Hoe lang duurt het vullen van deze tank? Geef een antwoord met de juiste nauwkeurigheid.

> antwoord

Er moet L in de opslagtank komen.
De flowmeter geeft L/min aan dus dat zou minuten moeten duren.

De flowmeter heeft een mogelijke afwijking van %.
Dat betekent dat de werkelijke flow ligt tussen en . De tijdsduur varieert daarom tussen

  • een tijdsduur van minuten en

  • een tijdsduur van minuten.

Dus tussen de en de minuten is nauwkeurig genoeg.

Opgave 6

Bekijk het rekenen met meetfouten in Voorbeeld 2.

a

Reken zelf na dat de werkelijke flow zit tussen en  L/min.

b

Had je ook kunnen zeggen dat de tijdsduur tussen en  minuten ligt?

Je hebt nog zo'n tank tot je beschikking met een volume van L.
Die vul je met L olie.
De pomp heeft nu een nauwkeuriger flowmeter van klasse en een schaallengte van .

c

Hoe lang duurt het vullen bij een afgelezen flow van L/min?

verder | terug