Lineaire verbanden > Hellingsgetal
12345Hellingsgetal

Voorbeeld 2

Stel een formule op bij de lijn door de punten en .

> antwoord

De formule heeft de vorm waarin het hellingsgetal is. Dit getal vind je door te bepalen hoeveel toeneemt bij een toename van met . Dat kun je zo doen:

  • Tussen de punten en neemt toe met .

  • Tussen de punten en neemt toe met .

  • Als met toeneemt, neemt toe met .

Nu je weet dat het hellingsgetal , wordt je formule . De juiste waarde van bepaal je door de coördinaten van één van beide gegeven punten in de vergelijking in te vullen.

Ga na, dat je dezelfde vergelijking krijgt als in de applet. (Maar nu exact in breuken!)

Opgave 5

Bekijk het voorbeeld hierboven en werk met de applet.

a

Stel zelf de vergelijking op van de lijn door de punten en zonder het antwoord bij het voorbeeld te bekijken.

b

Stel een vergelijking op van de lijn door en .

c

Stel een vergelijking op van de lijn door en .

d

Stel een vergelijking op van de lijn door en .

e

Stel een vergelijking op van de lijn door en .

f

Stel een vergelijking op van de lijn door en .

Opgave 6

Bij een lineaire functie hoort bij de uitkomst en bij de uitkomst .

Stel de bijbehorende formule op.

Opgave 7

Bij het Practicum kun je telkens twee nieuwe lijnen maken door de vier gegeven punten te verplaatsen. Je ziet dan van beide lijnen de formule. Je kunt jezelf of elkaar oefenen door die na te rekenen. Je kunt ook lijnen met een gegeven formule maken door de punten op de juiste plek te zetten.

a

Oefen met een medeleerling.

b

Als je punten recht onder punt zet, is de lijn door beide punten evenwijdig aan de -as. Welke formule hoort er bij zo'n lijn? Kun je dat verklaren?

c

Bij welke lijnen horen formules van de vorm ? Kun je dat verklaren?

verder | terug