Statistisch onderzoek > Vuistregels
12345Vuistregels

Verwerken

Opgave 10

Een maat voor iemands intelligentie is het intelligentiequotiënt, IQ. Het IQ wordt bepaald voor de score op een intelligentietest te vergelijken met de gemiddelde score op dezelfde test van leeftijdsgenoten. Het IQ is normaal verdeeld met een gemiddelde van `100` en een standaardafwijking van `15` . Maak gebruik van de vuistregels en rond antwoorden af op halve procenten.

a

Hoeveel procent van de mensen heeft een IQ tussen `85` en `115` ?

b

Hoeveel procent van de mensen heeft een IQ hoger dan `115` ?

c

Met welk IQ behoor je tot de mensen die de `16` % laagste scores hebben?

d

Hoeveel procent is de kans dat het IQ van een willekeurige voorbijganger minder is dan `130` ?

Opgave 11

Het gemiddelde gewicht van mannen ouder dan `20` jaar, is bij benadering normaal verdeeld. In `2011` was het gemiddelde gewicht van een man `84` kg. De standaardafwijking bij mannen is `11` kg.

Maak gebruik van de vuistregels en rond antwoorden af op halve procenten.

a

Hoeveel procent van de mannen is naar schatting zwaarder dan `73` kg én lichter dan `84` kg?

b

Hoeveel procent van de mannen is naar schatting zwaarder dan `73` kg én lichter dan `95` kg?

c

Hoveel procent van de mannen is naar schatting zwaarder dan `73` kg én lichter dan `106` kg?

d

Mannen waarvan het gewicht meer dan twee keer de standaardafwijking afwijkt van het gemiddelde, zijn te licht of te zwaar. Hoeveel procent van de mannen is te licht of te zwaar?

bron: CBS

Opgave 12

In een groot stadion zijn bezoekers willekeurig door `75`  ingangen naar de verschillende vakken in het stadion gegaan. Bij alle ingangen is door middel van een steekproef de leeftijden van de bezoekers gevraagd. Hierdoor zijn `75`  steekproeven genomen. Je mag er vanuit gaan dat de steekproeven representatief en voldoende groot zijn. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat de leeftijd van de bezoekers niet normaal verdeeld is.

a

Leg uit of de leeftijd van de groep bezoekers van één ingang normaal verdeeld is.

b

Leg uit of het steekproevengemiddelde van de leeftijd normaal verdeeld is.

Opgave 13

De gemiddelde lengte van mannen is bij benadering normaal verdeeld. In 2010 was de gemiddelde lengte van de mannen in Nederland `181` cm met een standaardafwijking van `7` cm.

a

Schrijf de drie vuistregels op voor de lengte van mannen in 2010.

b

Schrijf nog minimaal `2` uitspraken op over de lengte van mannen in 2010, gebaseerd op de vuistregels.

c

In `1981` waren mannen gemiddeld `3` cm kleiner. De standaardafwijking was vrijwel hetzelfde, dus `7` cm. Welke getallen in de antwoorden van de vorige twee vragen veranderen wel, en hoe, en welke niet?

Opgave 14

Er is onderzoek gedaan onder treinreizigers op het traject Den Haag CS - Utrecht CS. Er is het gevraagd naar de totale reisduur van vertreklocatie (bv. huis) naar bestemming (bv. werk). De totale reisduur bleek normaal verdeeld te zijn. De standaardafwijking van deze totale reisduur bleek `15`  minuten te zijn.

Bekijk nu niet de `2,5` % reizigers die de langste totale reisduur hadden. Bekijk ook niet de  `2,5` % reizigers die de kortste totale reisduur hadden. Wat is het verschil in reistijd tussen langste en kortste totale reisduur van de overgebleven reizigers?

Opgave 15

Open het bestand met kniehoogtes in Excel.

Hierin zie je een tabel met kniehoogtes in cm van de `5001` vrouwen uit het onderzoek in `1947` van Freudenthal en Sittig in opdracht van De Bijenkorf.

a

Bereken met de computer de gemiddelde kniehoogte en de standaardafwijking

b

Hoe kun je onderzoeken of de kniehoogte normaal verdeeld is? 

c

Voer het onderzoek uit.

verder | terug