Vectoren en goniometrie > Cosinusregel
12345Cosinusregel

Verwerken

Opgave 10

Elke heeft zes afmetingen, te weten:

  • de lengtes van de zijden , en

  • de hoeken , en .

Hier zijn steeds drie maten van gegeven. Bereken de andere maten (exact waar mogelijk).

a

, en

b

, en

c

, en

d

, en

e

en

Opgave 11

Teken het trapezium met , , en . Omdat de vierhoek een trapezium is, is evenwijdig met .
Bereken de lengte van . Er zijn twee mogelijkheden. Geef ze allebei.

Opgave 12

Laat met een berekening zien dat een gelijkbenige driehoek met , en onmogelijk is.

Opgave 13

Bekijk de afgeknotte balk . De afmetingen staan in de figuur. Bereken de grootte van met behulp van de cosinusregel in .

Opgave 14

Van een viervlak zijn de ribben achtereenvolgens cm, cm, cm, cm, cm en cm. Punt is het midden van en punt is het midden van . Bereken de lengte van .

verder | terug