Statistiek > Diagrammen gebruiken
123456Diagrammen gebruiken

Verwerken

Opgave 9

Bekijk de opbouw van de benzineprijs van Euro 95 volgens de Bovag.

a

Hoeveel procent is de bruto winstmarge voor het tankstation volgens de Bovag?

b

Geef de opbouw weer in een cirkeldiagram.

c

Wat zal de Bovag zeggen als consumenten klagen over de hoge benzineprijzen?

Opgave 10

Dit stroomdiagram geeft de energiebalans van Nederland weer. Je ziet de hoeveelheid energie die Nederland opwekt en invoert. Je ziet ook de energie die we met z’n allen verbruiken of doorvoeren/uitvoeren naar het buitenland. De gebruikte eenheid is joule.

a

Wat betekent het getal bij de aardgaswinning?

b

Hoeveel joule energie is er in 2009 verbruikt door onze energiecentrales om elektriciteit op te wekken?

c

Deze energiecentrales halen hun energie behalve uit aardgas en steenkool ook uit andere energiebronnen. Waaruit blijkt dat? En welke energiebronnen zijn dat?

d

Hoeveel joule energie is er in Nederland in 2009 verbruikt?

e

Hoeveel joule energie is er in Nederland in 2009 ingevoerd?

f

Hoeveel joule energie is er als elektriciteit ingevoerd?

g

Waarom was het vinden van aardgas in de Nederlandse bodem de afgelopen jaren zo belangrijk voor onze economie?

h

Nederland kent ook opgeslagen energievoorraden. Waar zie je dat in het schema?

Opgave 11
loon (€) aantal
totaal

Bekijk de frequentieverdeling van de weeklonen van werknemers van een bedrijf.

a

Bereken de relatieve frequenties bij deze tabel.

b

Maak een staafdiagram van de frequenties en van de relatieve frequenties.

c

Maak een frequentiepolygoon.

Het bedrijf neemt vijf extra werknemers in dienst. Zij krijgen een weekloon van € 835,00; € 1156,00; € 1345,00; € 1567,00 en € 1714,00.

d

Pas de frequentietabel aan voor de zeventig werknemers.

e

Teken een staafdiagram en een lijndiagram bij de nieuwe frequentietabel.

Opgave 12

Je ziet een staafdiagram van de wereldvoorraad olie, kolen en gas per regio per eind 2013.

Mtoe = miljoen ton olie-equivalenten = terajoules.

a

Hoe zie je dat dit diagram geen histogram is?

b

Waarom is een staafdiagram gemaakt en geen cirkeldiagram?

c

Je ziet de bij het staafdiagram behorende data voor eind 2013 en eind 2012. Maak een cirkeldiagram voor de aardgasvoorraad per regio per eind 2013.

d

Welk soort diagram zou je maken als je de voorraden per regio per eind 2013 en per eind 2012 met elkaar wilt vergelijken?

(bron: energie.nl)

Opgave 13

In de tabel zie je de behaalde cijfers voor een wiskundetoets door twee parallelklassen.

cijfers klas A cijfers klas B
6,7 6,4 4,9 3,8 4,0 4,0 6,2 4,9 3,9 5,9
5,6 5,8 6,8 8,2 4,7 7,3 4,7 6,7 7,6 9,4
3,4 8,5 4,1 6,9 7,3 8,3 5,7 7,2 8,7 7,1
6,1 7,5 6,7 6,2 3,4 7,0 6,5 7,4 5,0 4,8
7,9 4,5 8,3 7,7 6,5 4,9 8,8 6,3
a

Verwerk de resultaten van beide klassen in één frequentietabel waarin de resultaten van beide klassen gescheiden blijven en teken het bijbehorende staafdiagram. Kies een klassenbreedte van .

b

Om een overzicht te krijgen van hoe de toets gemaakt is, kun je de resultaten verwerken in een steelbladdiagram. Doe dat.

c

Om het verschil tussen beide klassen te onderzoeken, kun je de resultaten verwerken in een dubbel steelbladdiagram. Doe dat.

d

Noem enkele voordelen die het steelbladdiagram heeft boven een frequentietabel en een histogram.

Opgave 14

Je ziet informatie over de bevolking van Amsterdam.

a

Welke diagrammen herken je in de figuur?

b

Wat betekenen de variabelen geboorteoverschot, buitenlands migratiesaldo en binnenlands saldo?

c

Wat is de bevolkingstoename van Amsterdam in 2004 ongeveer? Geef voor dat jaar het geboorteoverschot, het buitenlands migratiesaldo en het binnenlands saldo.

d

Het migratiesaldo zit soms boven en soms onder de nullijn. Leg uit wat dat betekent.

e

Aan het lijndiagram zie je dat in 2007 de Amsterdamse bevolking met ongeveer personen is toegenomen. Laat zien hoe je dit kunt berekenen met het staafdiagram.

verder | terug