Vergelijkingen > Balansmethode
123456Balansmethode

Voorbeeld 2

Een vergelijking met één variabele oplossen betekent: zoeken naar de waarde van die variabele waarvoor de vergelijking waar wordt gemaakt. De balansmethode helpt je daarbij.

Los op: `4 a+12 - a+2 a=36 -3 a` .

> antwoord
`4a + 12 - a + 2a` `=` `36-3a`
herleiden
`5a+12` `=` `36-3a`
beide zijden `text(-)12`
`5a` `=` `24-3a`
beide zijden `+3a`
`8a` `=` `24`
beide zijden `/8`
`a` `=` `3`
Opgave 6

Je ziet hoe een vergelijking wordt opgelost.

a

Schrijf bij elke stap op wat er gebeurt.

`5 g+12` `=` `3 g+7`
`2 g+12` `=` `7`
`2 g` `=` `text(-)5`
`g` `=` `text(-)2,5`
b

Schrijf bij elke stap op wat er gebeurt.

`6 g-8` `=` `10 g+12`
`6 g` `=` `10 g+20`
`text(-)4 g` `=` `20`
`g` `=` `text(-)5`
Opgave 7

Los de vergelijkingen op.

a

`2 g+15 +6 g=5 +3 g-20`

b

`6 +(8 g)/2 =4 -5 g+12 +g`

c

`26 -a-4 a=8 a`

d

`x+6 -0,5 x=3,4 +0,1 x`

Opgave 8

Neem een getal in je hoofd. Vermenigvuldig het getal met `4` en tel bij het antwoord `20` op. Trek hiervan twee keer het getal af en neem de helft van wat je nu hebt gevonden.
Als je me nu de uikomst van deze berekening vertelt, weet ik het getal dat je had bedacht.

Hoe kan dat? Geef een duidelijke uitleg door de bijbehorende vergelijking op te stellen.

verder | terug