Vergelijkingen > Machten in formules
123456Machten in formules

Antwoorden van de opgaven

Opgave V1
a

`97` bij `103` m. De oppervlakte is dan `9991` m², dus `9` m² minder.

b

`x-3` bij `x+3` m. De oppervlakte is dan `(x-3 )(x+3 )` m2. Met behulp van de figuur kun je nagaan dat `(x-3 )(x+3 )=x*x-9` . En dus wordt zijn landje altijd `9` m² kleiner.

Opgave 1
a

`p^4` .

b

`4p^3`

c

`6 p^4q`

d

`3q + 4q^2`

e

`text(-)12 a^3b^4`

Opgave 2
a

`12m^3`

b

`15b^2m^3`

c

`8ac - 2ab^2`

d

`27p^5q`

Opgave 3
a

`x = text(-)6` of `x = 6`

b

`x = text(-)sqrt(29)` of `x = sqrt(29)`

c

`x = text(-)7` of `x= 7`

d

`x = text(-)9` of `x=9`

Opgave 4
a

`c = text(-)4` of `c=4`

b

`a = text(-)sqrt(21)` of `a = sqrt(21)`

c

`b = text(-)sqrt(88)` of `b=sqrt(88)`

Opgave 5
a

`p^2*p^4=p^6`

b

`3 p^2*text(-)6 p^2=text(-)18 p^4`

c

`3 p^2-6 p^2=text(-)3 p^2`

d

`text(-)6 k*4 k^3*text(-)2 k^2=48 k^6`

e

`5 b*4 ab^3=20 ab^4`

f

`(3 a^2b) ^3=27 a^6b^3`

Opgave 6
a

`K=4 p*3 p^2=12 p^3`
`K=96`

b

`K=3 p^3q-p*2 p^2q= p^3q`
`K =24`

c

`K = (2 p )^3 +p^2*2p=10 p^3`
`K=80`

d

`K=2p*3q-4p=6 pq-4 p`
`K=28`

Opgave 7
a

`x=text(-)11` of `x=11`

b

`x=text(-)7` of `x=7`

c

`x=text(-)12` of `x=12`

Opgave 8
a

Bert's tuin: rechthoek van `x` bij `x + 14` .

Bart's tuin: rechthoek van `x - 2` bij `x + 18` .

b

De oppervlakte van de tuin van Bert is `x * (x+14)` .
De oppervlakte van de tuin van Bart is `(x-2)*(x+18)` .
Als je de vergelijking `x(x+14)=(x-2)(x+18)` oplost, weet je de breedte van de tuin van Bert.

c
`x(x+14)` `=` `(x-2)(x+18)`
`x^2 + 14x` `=` `x^2 + 16x - 36`
`text(-)2x` `=` `text(-)36`
`x` `=` `18`
d

De breedte is `18` m, de lengte is `32` m.

Opgave 9
a

`6 k^5`

b

`5 k^3`

c

`k^3`

d

`9 k^6`

Opgave 10
a

`x(x+12 )=(x+4 )(x+5 )`

b

`x=20/3`

c

`124 4/9`

Opgave 11
a

`a^2+3 a-10`

b

`3 b^2-9 b-12`

c

`4c^2 - 20c +25`

d

`12d^3-21 d`

e

`text(-)5x^2 + x - 52`

f

`y^4-2 y^2+1`

Opgave 12
a
b

`(x-3 )(x+4 )=x^2+x-12`

c

`88` m²

d

`x=12`

Opgave 13
a

`p=text(-)6` of `p=6`

b

`f= text(-) 2/5`

c

`q=text(-)5` of `q=5`

d

`s=text(-)7` of `s=7`

Opgave 14

`400` stoelen

Opgave 15

De vier overlappende vierkanten hebben achtereenvolgens zijden van `11` , `9` , `7` en `5` cm. Hoeveel cm² is de totale oppervlakte van de grijze gebieden groter dan die van de zwarte gebieden?

`0`

`25`

`36`

`49`

`64`

Opgave 16
a

` text(-)4a^2 + 12a + 32`

b

`12b^2 + 8b - 44`

c

`c^4 - 12c^2 + 8c + 68`

Opgave 17

`57` m²

Opgave 18
a

`a=text(-)3` of `a=3`

b

`b=2/9`

c

`c=text(-)2` of `c=2`

verder | terug