Statistiek > Centrummaten
123456Centrummaten

Verwerken

Opgave 9

Dit zijn de rapportcijfers die in een bepaalde klas voor economie zijn behaald:

7 4 6 6 5 5 7 6 7 9 10 6 8 7
8 6 5 7 5 8 3 7 8 6 6 10 5 7
a

Maak een frequentietabel van de rapportcijfers voor economie.

b

Bepaal de modus.

c

Bepaal de mediaan.

Twee leerlingen die tijdens de toets ziek waren maken een inhaaltoets. Ze halen allebei een zeven.

d

Bereken het nieuwe gemiddelde, de nieuwe modus en de nieuwe mediaan.

Opgave 10

Een centrummaat moet een goede indruk geven van de waarnemingen die je bestudeert. Kies in de volgende gevallen een geschikte centrummaat, en bereken deze maat.

a

Erik haalde voor zijn wiskundetoetsen de cijfers , , , , , , , en .

b

De directeur van een onderneming krijgt € 8000,00 per maand. De vier adjunctdirecteuren ontvangen maandelijks € 3000,00. De overige dertig werknemers verdienen elk € 1900,00 per maand.

c

Van de docenten van een scholengemeenschap in Overdal komen er te voet naar school, komen met de fiets, met de auto en met het openbaar vervoer.

d

De resultaten van een meting van de maximumtemperaturen in een week in juli in graden Celsius waren:

dag ma di wo do vr za zo
temperatuur in °C 22 23 24 23 23 23 23
Opgave 11

In een supermarkt worden pakken rijst verkocht met een gewicht van kg. Elke werkdag wordt een vast aantal pakken gecontroleerd op afwijkend gewicht. In het staafdiagram zijn de resultaten verwerkt van werkdagen.

a

Bepaal de modus en de mediaan.

b

Hoeveel pakken werden er elke werkdag gecontroleerd?

c

Hoeveel procent van de gecontroleerde pakken rijst had een te laag gewicht?

d

Bereken in één decimaal nauwkeurig het gemiddelde aantal pakken rijst per dag waarvan het gewicht te laag is.

e

In totaal zijn in het afgelopen jaar pakken rijst verkocht. Geef een schatting van het aantal pakken dat minstens het juiste gewicht had.

Opgave 12
aantal lucifers frequentie
31 1
32 3
33 4
34 5
35 7
36 8
37 11
38 6

Iemand heeft van een aantal doosjes lucifers geteld hoeveel lucifers er in zitten. De resultaten staan in de tabel hiernaast.

a

Van hoeveel doosjes lucifers is het aantal lucifers geteld?

b

Hoeveel lucifers zijn er in totaal geteld?

c

Hoeveel lucifers zitten er gemiddeld in een doosje? Geef je antwoord in één decimaal nauwkeurig.

d

Waarom wist je voordat je de berekening bij c uitvoerde dat het gemiddelde lager moest zijn dan de modus ?

Opgave 13

Een loterij heeft op een dag aan prijzen gemiddeld € 20000,00 uitbetaald. De mediaan van die prijzen blijkt € 1500,00 te zijn.

Geef een verklaring voor het grote verschil tussen die twee centrummaten.

Opgave 14

Een school kent drie rapportperiodes die alle drie even zwaar tellen. Voor wiskunde zijn er de eerste periode drie toetsen gegeven die elk 1 keer, 1 keer en 3 keer meetellen. In de tweede periode zijn er in dat vak twee toetsen gegeven die 2 keer en 3 keer meetellen en in de derde en laatste periode zijn er twee toetsen die 1 keer meetellen en een proefwerk dat drie keer meetelt. Je staat voor wiskunde een 7,2 en alleen het laatste proefwerk moet nog worden gemaakt. De cijfers voor alle toetsen worden in één decimaal nauwkeurig bepaald.

Kun je nog een 8 halen als eindcijfer? Laat met een berekening zien welk cijfer je dan voor het laatste proefwerk moet halen.

Opgave 15

In klas V2A zitten leerlingen. Voor een toets Engels scoorde de klas gemiddeld . Ook klas V2B maakte die toets, maar hier was het gemiddelde cijfer . Het gemiddelde cijfer van de twee klassen samen was .

a

Leg uit waarom het gemiddelde niet gelijk is aan .

b

Hoeveel leerlingen zitten er in klas V2B?

d

De jongens in klas V2A scoorden gemiddeld en de meisjes . Hoeveel jongens zitten er in klas V2A?

verder | terug