Hoeken > Totaalbeeld
123456Totaalbeeld

Testen

Opgave 6

Deze zes hoeken vind je ook op het werkblad.

a

In welke hoek hoort eigenlijk geen boogje te staan? Wat moet er wel staan?

b

Zet de hoeken op volgorde van klein naar groot met behulp van het kleinerdanteken ` < ` .

Opgave 7

Teken de hoeken `/_A=32` °, `/_B=161` °, `/_C=199` ° en zet bij elke hoek of hij scherp, stomp, recht, gestrekt of overstrekt is.

Opgave 8

Teken op het werkblad in deze twee hoeken een deellijn en schrijf in je figuren hoe groot de beide delen van de hoek zijn.

Opgave 9

Beredeneer de grootte van `/_B_4` als `/_A_1 =112` °.

Opgave 10

De start is een van de belangrijkste elementen van de 100 meter sprint met atletiek. Wanneer een sprinter uit de startblokken komt, maakt hij eigenlijk een valbeweging. Dat betekent dat hij een hoek van `45` ° of minder maakt met de atliekbaan.

a

Voor een perfecte start moet de hardloper een hoek van `45` ° of minder maken met de atletiekbaan. Meet de hoek die de hardloper maakt met de baan. Is dit een perfecte valbeweging?

b

Maak een schatting van het aantal graden dat de linker bovenarm maakt met de onderarm.

c

Kijk naar de rechterarm van de hardloper. Is de hoek die de onderarm met de bovenarm maakt een scherpe, rechte, stompe of een gestrekte hoek?

d

Zie je een scherpe hoek in de afbeelding van de hardloper? Zo ja welke?

e

Zie je een gestrekte hoek in de afbeelding?

Opgave 11

In deze figuur kun je gelijke X-hoeken, F-hoeken en Z-hoeken herkennen.

a

Schrijf van elk van deze drie soorten gelijke hoeken één paar op. Geef de hoeken met drie letters aan of met behulp van een genummerde letter.

b

De vier hoeken bij punt `C` zijn recht en `/_B_2 =25` °. Hoe groot is dan `/_CED` ?

Opgave 12

De hoeken `A_1` en `A_2` vormen samen een gestrekte hoek en `/_A_1` is vier keer zo groot als `/_A_2` .

Beredeneer de grootte van `A_1` .

Opgave 13

Teken de driehoeken.

a

`Delta KLM` met `/_L=40` °, `KM=4` en `KL=5` cm.

b

`Delta PQR` met `/_P=40` °, `/_Q=60` ° en `QR=4` cm.

Opgave 14

Bereken de exacte hoek die de wijzers van de klok met elkaar maken als het vijf voor half drie is.

verder | terug