Omtrek, oppervlakte en inhoud > Inhoudsmaten
1234567Inhoudsmaten

Testen

Opgave 19

Bereken.

a

`8506300` mm³ `+ 0,068` m³ `= ...` dm³

b

`47000000` m³ `+ 863953000` dam³ `= ...` km³

c

`0,000056243` hm³ `- 0,0048965` m³ `=...` cm³

Opgave 20

Je ziet twee prisma's.

a

Wat is de inhoud in dm³ van het linker prisma?

b

Wat is de inhoud in mm³ van het rechter prisma?

Opgave 21

Waar of niet waar?

a

`964130000000` dm³ < `0,95324` km³

Waar

Niet waar

b

`5000000000` mm³ < `0,0005` hm³

Waar

Niet waar

c

`5638000000` cm³ < `45,638` dam³

Waar

Niet waar

Opgave 22

Bloembakken worden met potgrond gevuld. De hoeveelheid potgrond wordt in aantallen liters aangegeven. In de winkel zijn twee soorten bloembakken: bloembak A is `80` cm bij `45` cm bij `52` cm. Bloembak B is `60` cm bij `60` cm bij `50` cm.

a

Hoeveel liter potgrond heb je nodig voor bloembak A?

b

In een zak potgrond zit `0,00004` dam³. Hoeveel zakken potgrond heb je nodig om drie bloembakken van soort A te vullen?

c

Voor welke bak heb je het minst aantal zakken potgrond nodig? Voor drie bloembakken van soort A of voor vier bloembakken van soort B?

Bloembak A

Bloembak B

verder | terug