Formules voor omtrek en oppervlakte > Oppervlakteformules
1234567Oppervlakteformules

Verwerken

Opgave 12

Bereken de oppervlakte van de figuren. Je mag ervan uitgaan dat de figuren d en e lijnsymmetrisch zijn.

a

b

c

d

e

f

Opgave 13

Iemand heeft een grasveld met een oppervlakte van `1,2` dam2. Het grasveld heeft twee rechte hoeken. Aan drie zijden wordt het grasveld begrensd door een beukenhaag.

Bereken hoe lang de beukenhaag is.

Opgave 14

Bereken de lengte van de zijden van vierkant `ABCD` . Rond af op drie decimalen.

Opgave 15
a

Een vierkant heeft een omtrek van `80` cm. Bereken de oppervlakte.

b

Van een rechthoekige driehoek is de oppervlakte `16,5` cm2 en de lengte `6` cm. Bereken de breedte.

Opgave 16

Je wilt een vierkant schilderij met een oppervlakte van `1,44` m2 inlijsten. De lijst is overal `10` cm breed.

Wat is de oppervlakte van het schilderij en de lijst samen?

Opgave 17

Bereken de oppervlakte van de figuur. Hij staat ook op dit werkblad.

Opgave 18

Een vierkant schilderij heeft rondom een lijst die aan alle zijden `5` cm breed is.
De oppervlakte van de lijst is `400` cm2.
Bereken de oppervlakte van het schilderij zonder de lijst.

verder | terug