Machten en wortels > Wortelrekenen
12345678Wortelrekenen

Antwoorden van de opgaven

Opgave V1
a

18 cm2.

b

3 2 cm.

c

3 2 3 2 = 3 3 2 2 = 9 ( 2 ) 2 = 9 2 = 18 .

Opgave 1
a

5 cm.

b

Je maakt dan de zijden van het getekende vierkant precies twee keer zo groot.

c

Het kunt ze allebei voorstellen als vergrotingen van een lijnstuk met lengte 5 .

d

5 5 .

e

5 .

Opgave 2
a

De oppervlakte is 20 .

b

2 5 2 5 = 2 2 5 5 = 4 ( 5 ) 2 = 4 5 = 20

Opgave 3
a

2 + 3 + 4 = 9 = 3

b

2 + 3 + 4 5,15

c

5 + 5 + 5 = 3 5 6,71

d

6 5 + 3 5 - 5 5 = 4 5 8,94

Opgave 4
a

6 + 6 = 2 6

b

2 3 + 5 3 = 7 3

c

4 7 + 7 = 5 7

d

4 7 + 2 9 = 4 7 + 6

e

5 3 - 3 3 = 2 3

f

4 7 - 3 7 = 7

g

8 6 - 16 = 8 6 - 4

h

8 6 - 6 = 7 6

Opgave 5
a

( 2 3 ) 2 = 2 3 2 3 = 2 2 3 3 = ( 2 ) 2 ( 3 ) 2 = 2 3 = 6 en ( 6 ) 2 = 6 .

b

( 6 2 ) 2 = 6 2 6 2 = ( 6 ) 2 ( 2 ) 2 = 6 2 = 3 en ( 3 ) 2 = 3 .

Opgave 6
a

Waar.

b

Niet waar.

c

Niet waar.

d

Niet waar.

e

Waar, bedenk dat 3 = 9 .

f

Waar.

Opgave 7
a

7 5 = 35

b

3 3 = 9 = 3

c

4 2 2 7 = 8 14

d

18 / 2 = 9 = 3

e

15 / 3 = 5

f

8 6 2 2 = 4 3

Opgave 8
a

7 + 7 = 2 7

b

3 5 + 2 5 = 5 5

c

5 7 - 2 7 = 3 7

d

3 5 - 5 = 2 5

e

2 8 = 16 = 4

f

3 2 2 7 = 6 14

g

125 / 5 = 25 = 5

h

5 10 / 2 = 5 5

Opgave 9
a

20 roostereenheden.

b

Elk vierkant heeft een oppervlakte van 10, dus elke zijde is 10 lang. Dus A D = 10 en A B = 2 10 .

c

2 10 10 = 2 100 = 20 .

d

2 10 + 2 2 10 = 6 10 .

Opgave 10
a

Niet waar.

b

Waar.

c

Waar.

d

Niet waar.

Opgave 11
a

2 12,5 = 25 = 5

b

3 3 10 = 3 30

c

2 6 3 6 = 6 36 = 6 6 = 36

d

50 / 5 = 10

e

2 72 2 = 2 36 = 12

f

6 12,5 3 2 = 2 6,25 = 5

Opgave 12
a

A B = 6 en A C = 12 (want de oppervlakte van het grote vierkant is 2 keer die van A B C D ).

b

A B = 10 en A C = 20 .

c

De diagonaal is 2 8 = 16 = 4 .

d

De diagonaal is 2 a = 2 a .

e

De diagonaal is 2 z 2 = z 2 .

Opgave 13

8 + 2 + 2 8 2 = 18

Opgave 14Wortels herleiden
Wortels herleiden
a

8 = 4 2 = 4 2 = 2 2 .

b

Je vindt 3 5 .

c

18 = 3 2 , 12 = 2 3 , 32 = 4 2 , 40 = 2 10 en 75 = 5 3

Opgave 15Kettingbreuk
Kettingbreuk

Controleer je antwoorden met je rekenmachine of zoek meer decimalen van 2 op internet.

Opgave 16
a

2 5 + 5 = 3 5

b

6 5 - 2 5 = 4 5

c

6 5 2 5 = 12 25 = 12 5 = 60

d

6 10 2 5 = 3 2

Opgave 17
a

Breedte: 15 cm.
Lengte: 3 15 cm.

b

3 15 15 = 3 15 = 45 cm2.

verder | terug