Algebra > Breuken
1234567Breuken

Oefenen

Opgave 8

Reken met de twee breuken 2 a b en a 3 b . Neem aan dat en .

a

Bereken de som en het product van beide breuken.

b

Bereken ook 2 a b - a 3 b en 2 a b / a 3 b

Reken met de twee breuken 2 a b en b 3 a .

c

Bereken de som en het product van beide breuken.

Opgave 9

Herleid tot een vorm met niet meer dan één breuk:

a

1 2 a + 3 b

b

15 a b 3 a - 12 b 2 4 b

c

b 4 a 2 a 2 3 b

d

1 a - 2 b

e

6 a / 1 2 a

f

1 a + a 2

Opgave 10

Bereken als p = 3 en q = - 4.

a

6 p p q 5 q 3 p

b

4 3 q - 1 q

c

1 p + 2 q

d

2 p p q / 6 q

Opgave 11

Oefen nu het rekenen met breuken met variabelen via Practicum .

Blijf oefenen tot je vrijwel geen fouten meer maakt.

verder | terug