Algebra > Formules herleiden
1234567Formules herleiden

Antwoorden van de opgaven

Opgave V1
a

en .

b

en .

c

Bijvoorbeeld door twee grafieken van afhankelijk van te maken. Dat gaat nu gemakkelijk omdat je eerst de formules een andere vorm hebt gegeven.

Opgave 1
a

Links en rechts van het isgelijkteken delen door .

b

Omdat nu de afhankelijk variabele is, de waarden van hangen af van de waarden die je voor kiest.

c

Omdat allen positief of kan zijn, moet m.

d

Maak eerst een tabel zoals deze:

in m
kan niet

Maak beide grafieken en bepaal met behulp van inklemmen het antwoord: en (of omgekeerd).

Opgave 2
a

Je krijgt en dus .

b

Eerst en dan .

c

Eerst en dan .

d

Eerst en dan .

Opgave 3
a

cm2.

b

geeft en dus .

c

cm.

Opgave 4
a

Je begint met aan beide zijden op te tellen.
Daarna deel je beide zijden door .
Dan krijg je .

b

c

Delen door levert geen bestaande getallen op.

d

e

Opgave 5
a

De eerste stap is beide zijden aftrekken.
En daarna neem je van beide breuken het omgekeerde: wordt daarmee .

De laatste stap kan ook anders: eerst beide zijden met vermenigvuldigen en daarna beide zijden door delen.

b

c

Eerst beide zijden aftrekken.
Dan beide breuken gelijknamig maken en aftrekken.
Dan beide breuken omkeren.

d

.

Opgave 6
a

geeft en .
Nu beide zijden van het isgelijkteken met vermenigvuldigen en je krijgt .

b

geeft en zodat .

Opgave 7
a

, , , en kW

b

Gebruik de waarden die je bij a hebt berekend. Je kunt ook met bijvoorbeeld GeoGebra werken.
Je vindt ongeveer m/s, dat is ongeveer km/h.

Opgave 8
a

kW.

b

geeft en dus .

c

De waarden van liggen tussen en m/s.

De diameter ligt dus tussen m en m.

Opgave 9
a

geeft en , zodat .

b

geeft en .

c

geeft en dus .

Opgave 10
a

geeft en , zodat .

b

geeft en , zodat .

c

geeft en dus en .

Opgave 11
a

b

Je krijgt dan de wortel uit een negatief getal en dat levert geen reƫle waarde op.
Alle getallen vanaf tot en met kunnen worden ingevuld.

c

Maak eerst een tabel zoals deze.

d

Opgave 12
a

m2.

b

m2.

c

m2, dus er is m2 land minder.
Dus is en m.
Zijn land was m breed en m lang.

Opgave A1
a

Eerst en dan van beide zijden het omgekeerde nemen.

b

c

Getallen onder leveren negatieve beeldsafstanden op en zelf kun je helemaal niet invullen.

d

cm.

Opgave T1
a

.

b

c

Opgave T2
a

b

m.
Het is de afstand die je gedurende die versnelling hebt afgelegd.

b

Vanaf tot en met een parabool, daarna een rechte lijn, als je de snelheid die je dan hebt kunt volhouden.

verder | terug