Figuren > Lijn, lijnstuk, punt
123456Lijn, lijnstuk, punt

Antwoorden van de opgaven

Opgave V1
a

De rails hebben dezelfde richting. Ze liggen dan evenwijdig ten opzichte van elkaar.

b

De dwarsliggers hebben dezelfde richting. Ze liggen dan evenwijdig ten opzichte van elkaar.

c

De dwarsliggers staan haaks op de rails. Ze liggen dan loodrecht ten opzichte van elkaar.

Opgave 1
Opgave 2

Welke beweringen zijn waar?

Een lijn heeft altijd een beginpunt en een eindpunt.

Een lijnstuk is altijd recht.

Bij een punt kun je de hoofdletter  zetten.

Een lijnstuk is langer dan een lijn.

Opgave 3
a

b

 •—————

c
Opgave 4
a

Bij een snijpunt zet je altijd een hoofdletter.

ja

nee

b

Lijnen die loodrecht op elkaar staan, hebben ... snijpunt.

een

geen

c

Lijnen die evenwijdig lopen, hebben ... snijpunt.

een

geen

d

Lijn staat loodrecht op lijn . Dat schrijf je als

Opgave 5
a

Welke twee lijnen staan loodrecht op elkaar?

lijnen en

lijnen en

lijnen en

b

Welk punt is het snijpunt van de twee loodrechte lijnen?

punt

punt

punt

Opgave 6
a

Welk staafje ligt evenwijdig aan staafje 5?

staafje 1

staafje 2

staafje 3

staafje 4

staafje 5

staafje 6

staafje 7

staafje 8

b

Welke twee staafjes liggen loodrecht op staafje 5?

staafje 1

staafje 2

staafje 3

staafje 4

staafje 5

staafje 6

staafje 7

staafje 8

Opgave 7
Opgave 8
Opgave 9

Bijvoorbeeld:

De rode lijn is de lijn door punt , loodrecht op lijn .
Denk aan het rechtehoekteken bij punt .

Opgave 10
a

Zijn de lijnen en evenwijdig?

ja

nee

b

lijnen en

c

lijnstuk , lijnstuk en lijnstuk

d

de lijnen en

e

lijn , lijn en lijn

Opgave 11
a

Bijvoorbeeld:

b
c

 Staan de lijnen en nu ook loodrecht op elkaar?

ja

nee

Opgave 12

Bekijk het hek. Froukje zegt dat alle latten van dit hek evenwijdig geplaatst zijn. Heeft Froukje gelijk?

ja

nee

Opgave 13
a

De lijnen en zijn evenwijdig.

b
c

Lijn staat ook loodrecht op lijn .

d

Lijn staat niet loodrecht op lijn .

Opgave 14
a

Bij een punt zet je altijd een kleine letter.

ja

nee

b

Een lijnstuk heeft een beginpunt en een eindpunt.

ja

nee

c

Een lijn is langer dan een lijnstuk.

ja

nee

d

Lijnen die evenwijdig zijn, hebben een snijpunt.

ja

nee

Opgave 15
Opgave 16
a
b
c
Opgave 17

Van de lijnen en weet je dat . Wat betekent dit?

De lijnen en staan loodrecht op elkaar.

De lijnen en zijn evenwijdig aan elkaar.

Opgave 18

Je kunt bijvoorbeeld de volgende lijnen tekenen, maar er zijn er nog meer te vinden!

Opgave 19
a

en

b

Met lijnen , , en .

c

Ja, lijnen hebben geen eindpunt en lopen dus door. Omdat de lijnen en niet evenwijdig lopen, zullen ze elkaar snijden. Leg je antwoord uit.

d

Nee, want de lijnen en lopen evenwijdig.

Opgave 20
a

Teken de lijn met je geodriehoek.

b
c

Teken met je geodriehoek een lijn loodrecht op en zet op die lijn een punt .
Het gedeelte tussen punt en punt is lijnstuk .

Opgave 21

Hij krijgt drie snijpunten.

Opgave 22
a

De lijnen en zijn loodrecht, dit zie je aan het haakje.

b

Door de rechte hoek van je geodriehoek op punt te leggen en te kijken of de andere lijn dan langs de zijde van de geodriehoek ligt.

c

Punt .

Opgave 23
a
b
c
verder | terug