Periodieke functies > Vergelijkingen met sinus
123456Vergelijkingen met sinus

Verwerken

Opgave 7

Los op.

a

`sin(x)=0,35`

b

`sin(x)=text(-)0,35`

Opgave 8

Geef alle oplossingen van:

a

`sin(x)=1`

b

`sin(x)=sin(1 )`

c

`sin(1 )=x`

Opgave 9

Gegeven is de functie `f` met `f(x)=2*sin(x)-1` met `text(-)2pi le x le 2pi` .

a

Bereken alle nulpunten van deze functie in twee decimalen.

b

Los op: `f(x)=0,5` in twee decimalen nauwkeurig.

c

Wat is de kleinste waarde voor `c` zodanig dat de vergelijking `f(x)=c` een oplossing heeft?

Opgave 10

Los op.

a

`4*sin(x)-2=text(-)1`

b

`10+20*sin(x)=8`

Opgave 11

Gegeven is de functie `g` met `g(x)=sin(x-2)` met `0 le x le 2pi` .

a

Welke periode heeft `g` ?

b

Los op: `g(x)=0,5`

verder | terug