Veranderingen > Differentiequotiënt
123456Differentiequotiënt

Inleiding

Je hebt veranderingen in grafieken leren beschrijven in woorden en met toenamediagrammen. Bij toenamediagrammen moet je met een vaste stapgrootte werken. Maar als je wilt nagaan of een wielrenner de eerste `10` minuten gemiddeld net zoveel heeft afgelegd als de volgende `15` minuten, heb je met ongelijke intervallen te doen. In dat geval werk je met gemiddelde veranderingen.

Je leert in dit onderwerp:

  • de betekenis van het begrip differentiequotiënt kennen;

  • tussen twee punten uit een tabel of een grafiek het differentiequotiënt bepalen;

  • het differentiequotiënt op een interval berekenen;

  • werken met toepassingen van het differentiequotiënt.

Voorkennis:

  • werken met functievoorschriften, functiewaarden berekenen;

  • (toenemende, afnemende of constante) stijging en daling, maximum en minimum herkennen;

  • werken met toenamediagrammen.

verder | terug