Matrices en grafen > Matrixvermenigvuldiging
123456Matrixvermenigvuldiging

Voorbeeld 2

Gegeven zijn de matrices A = ( 6 - 1 3 0 5 - 4 ) en B = ( 4 2 0 - 2 1 5 )

Laat zien dat door beide te berekenen.

> antwoord

Voer beide matrices in je grafische rekenmachine in. Voer vervolgens beide berekeningen uit. Je vindt:

A B = ( 27 29 - 4 - 30 )

B A = ( 24 6 4 0 - 10 8 6 24 - 17 )

Opgave 4

Gegeven zijn de volgende matrices

A = ( 3 - 2 0 8 1 7 ) , B = ( 3 2 5 7 ) , C = ( 10 8 20 0 7 15 ) , D = ( 1 8 0 3 0 2 7 5 ) en E = ( 0 1 ) .

Bereken, voorzover dat mogelijk is: A B , A C , A D , A E , B D , B C , B B , C B , B A .
Bekijk eventueel eerst Voorbeeld 2.

Opgave 5

Gebruik de matrices uit de voorgaande opgave.

a

Is de matrixvermenigvuldiging mogelijk?

b

Bereken handmatig. Controleer je antwoord met de rekenmachine.

c

Waarom kan niet worden berekend?

d

Waarom is hier geen eenheidsmatrix?

is de -eenheidsmatrix.

e

Laat handmatig zien, dat . Controleer je antwoord met de rekenmachine.

verder | terug