Discrete kansmodellen > Binomiale stochasten
1234567Binomiale stochasten

Antwoorden van de opgaven

Opgave V1
a

Probeer zelf eerst antwoorden te verzinnen. Kom je er echt niet uit, bekijk dan de uitleg.

b

Het kunnen twee meisjes, of twee jongens of een meisje en een jongen zijn. Van elk van deze drie situaties bereken je de kans en die kansen tel je op.

c

Van de jongens verwacht je in zo'n klas gemiddeld kleurenblinden, van de meisjes kleurenblinden.

Opgave 1
a

b

De aanname is dat de aselecte trekking van de ene rode kraal niet afhangt van de trekking van een volgende rode kraal.

c

Opgave 2
a

Bekijk de kansverdeling van :

b

en

c

d

en

Opgave 3
a

Per dobbelsteenworp zijn er twee mogelijke uitkomsten: wel of niet een zes. Bovendien is iedere worp onafhankelijk van de andere worpen.

b

c

d

ongeveer

Opgave 4
a

ongeveer

b

ongeveer

c

ongeveer

Opgave 5
a

ongeveer 

b

ongeveer

c

ongeveer 

d

ongeveer

e

ongeveer

Opgave 6
a

is een binomiale stochast met en .

Voer in:

Lees de tabel af voor . Dat is de kansverdeling.

b

Opgave 7
a

Noem het aantal punten dat Erwin kan scoren . Dan is de kansverdeling:

b

Opgave 8
a

en

b

c

Opgave 9
a

en .

b

en .

Opgave 10
a

ongeveer

b

ongeveer

c

ongeveer

Opgave 11
a

3,2

b

c

d

Opgave 12
a

ongeveer

b

ongeveer 

c

ongeveer 

d

ongeveer 

e

ongeveer 

Opgave 13
a

Kansverdeling van is:

b

en 

Opgave 14
a

b

c

d

e

Opgave 15
a

Omdat de kaart telkens wordt teruggestopt en er wordt geschud voordat de volgende kaart wordt getrokken. Verder zijn er per getrokken kaart precies twee mogelijkheden: het is een hartenkaart of niet. Het trekken van een kaart is dus in dit geval een Bernoulli-experiment. Omdat het zes keer herhaald wordt, is hier sprake van een binomiaal kansexperiment.

b

ongeveer

c

ongeveer

d

De kansen per kaart veranderen nu doordat het totaal aantal kaarten verandert. De kans op de eerste keer harten is op de (dus ), maar bij de tweede trekking zijn er of hartenkaarten op de kaarten.

Opgave 16
a

29

b

De grootte van de steekproef is 15.

Opgave 17

ongeveer

Opgave 18
a

b

c

Dus:

d

Opgave 19
a

en .

b

en .

Opgave 20
a

b

c

Opgave 21

.

verder | terug