Redeneren en bewijzen > Basisbegrippen
123456Basisbegrippen

Voorbeeld 3

Stelling
De overstaande hoeken bij twee snijdende lijnen zijn gelijk.

> antwoord

Bewijs

en zijn twee overstaande hoeken. Beide hebben dezelfde nevenhoek .
Dus is en is ook (gestrekte hoek).

Hieruit volgt:

Opgave 7

In het Voorbeeld wordt een eenvoudige uitspraak bewezen.

a

Wat is het verschil tussen een vermoeden en een stelling?

b

Waarom is ook voor zo'n eenvoudige uitspraak een bewijs nodig?

c

Wat is een tegenvoorbeeld?

Opgave 8

De lijnen en staan loodrecht op elkaar, is een derde lijn.

a

Bewijs de stelling: Als loodrecht staat op , is evenwijdig met .

b

Schrijf het omgekeerde van deze stelling op. Is dit ook een ware bewering?

verder | terug